1. Wat doen Speed en Power op een lasercutter?
- Power (%): Hoeveel vermogen (energie) de laser gebruikt.
- Hoge power = meer energie → dieper of sneller snijden, maar ook meer kans op verbranden of verkleuring.
- Lage power = minder energie → geschikt voor graveren of dunne materialen.
- Speed (mm/s): Hoe snel de laser over het materiaal beweegt.
- Hoge speed = minder tijd op één plek → minder warmte, minder diepe snede.
- Lage speed = meer tijd op één plek → diepere snede, maar kans op verbranden.
2. Impact op het resultaat
- Snel + weinig power
→ Lichte gravure, snede niet door het materiaal heen. Goed voor oppervlakkige markeringen. - Traag + veel power
→ Diepe snede, mogelijk door het materiaal heen. Maar: kans op verbrande randen, verkleuring, en meer rook. - Balans is cruciaal:
- Voor snijden: meestal hoge power + lage speed.
- Voor graveren: lage power + hoge speed.
3. Voorbeeldinstellingen (indicatief)
(Afhankelijk van machine, lens, en materiaalsoort!)
| Materiaal | Dikte | Power (%) | Speed (mm/s) | Resultaat |
|---|---|---|---|---|
| MDF | 3 mm | 60 | 20 | Snijdt door |
| MDF | 3 mm | 40 | 50 | Gravure |
| MDF | 6 mm | 80 | 10 | Snijdt door |
| Plywood | 3 mm | 55 | 25 | Snijdt door |
| Plywood | 6 mm | 75 | 12 | Snijdt door |
4. Testmatrix (voor calibratie)
Je maakt een raster met combinaties van Power en Speed, bijvoorbeeld:
| Power \ Speed | 10 mm/s | 20 mm/s | 30 mm/s | 40 mm/s |
|---|---|---|---|---|
| 40% | ||||
| 50% | ||||
| 60% | ||||
| 70% |
Hoe gebruik je dit?
- Snij of graveer een testplaat met deze matrix.
- Noteer bij elke cel: snijdt door, half door, of alleen gravure.
- Kies daarna de beste combinatie voor jouw materiaal.
Wat staat er in de PDF?
Pagina 1 – CUT (vector)
- 6×6 raster met combinaties: Speed = 5, 8, 12, 16, 20, 25 mm/s × Power = 35, 45, 55, 65, 75, 85%.
- Elke cel bevat een vierkant (12 mm) + cirkel (Ø8 mm) om zowel rechte als kleine details te testen.
- Ultra‑dunne lijnbreedte (≈0,08 mm) (hairline) voor vector snijtests.
- 100 mm referentieliniaal om schaal te checken.
- Korte gebruiksaanwijzing (air‑assist aan, focus‑tips).
Pagina 2 – ENGRAVE (scan/line)
- 6×6 raster met Speed = 100, 150, 200, 250, 300, 350 mm/s × Power = 10, 15, 20, 30, 40, 50%.
- Elk vak heeft een 15 mm vierkant (met grijstoon‑preview) + contourlijn voor raster (fill) of lijn (vector) gravure.
- Tekst‑teststrook (4.0 → 1.0 mm) voor leesbaarheid van kleine fonts.
Zo gebruik je ’m kort:
- Importeer de PDF → wijs CUT‑lagen toe aan contouren (hairline) en ENGRAVE‑lagen aan vullingen/contouren.
- Las het raster en noteer per cel: door / half door / niet door, randkwaliteit, verkleuring.
- Kies vervolgens de beste combo voor jouw materiaal/laser.
Aanbevolen instellingen (richtwaarden)
⚠️ Disclaimer (veilig & realistisch): onderstaande waarden zijn indicatief. Resultaten hangen af van je laser (CO₂ DC/RF), optiek (2″ lens), alignatie, luchtstroom, materiaalmerk/densiteit en seizoen (vocht!). Begin aan de veilige kant en kalibreer met de testmatrix. Laat de machine nooit onbeheerd draaien; zorg voor afzuiging/brandpreventie.
Snijden – MDF (2″ lens, air‑assist aan, 1 pass tenzij anders vermeld)
| Dikte | Laservermogen | Speed (mm/s) | Power (%) | Passes | Opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| 3 mm | 40 W | 8–12 | 80–95 | 1 | Harde MDF vraagt wat lager speed / hoger power |
| 3 mm | 60 W | 15–25 | 65–85 | 1 | Min Power ~10% lager dan Max bij lage speeds (hoekverbranding vermijden) |
| 3 mm | 100 W | 25–35 | 50–70 | 1 | Schone snede; weinig verkleuring met goede air‑assist |
| 6 mm | 40 W | 3–6 | 90–100 | 2–3 | Focus ~0,5–1 mm onder oppervlak; meerdere passes |
| 6 mm | 60 W | 8–12 | 80–95 | 1–2 | Eventueel 2 passes voor dense platen |
| 6 mm | 100 W | 12–18 | 70–85 | 1 | Langzame enkele pass geeft rechte wanden |
Snijden – Plywood (berken/populier; lijmvoegen verschillen per plaat)
| Dikte | Laservermogen | Speed (mm/s) | Power (%) | Passes | Opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| 3 mm | 40 W | 10–18 | 80–95 | 1 | Populier sneller; berken trager |
| 3 mm | 60 W | 20–30 | 65–85 | 1 | Lijmzakken kunnen extra pass vereisen |
| 3 mm | 100 W | 30–45 | 50–70 | 1 | Masking tape beperkt roet |
| 6 mm | 40 W | 3–7 | 90–100 | 2 | Vaak 2 passes door lijmlagen |
| 6 mm | 60 W | 8–14 | 80–95 | 1–2 | Check doorval in hoeken |
| 6 mm | 100 W | 15–25 | 65–85 | 1 | Mooie snede met sterke air‑assist |
Graveren – MDF & Plywood (scan/raster of lijngravure)
Lichte markering (snel, licht):
| Laservermogen | Speed (mm/s) | Power (%) | Notities |
|---|---|---|---|
| 40 W | 300–400 | 8–15 | Lichte tekening/tekst; minimale verkleuring |
| 60 W | 400–600 | 10–18 | Heldere lijnen; minder tijd op materiaal |
| 100 W | 500–800 | 8–15 | Zeer snel; lagere power houdt contrast netjes |
Medium → donkere gravure (dieper/donkerder):
| Laservermogen | Speed (mm/s) | Power (%) | Notities |
|---|---|---|---|
| 40 W | 200–300 | 15–30 | Donkerder; let op rook; eventueel masking |
| 60 W | 300–500 | 12–25 | Mooi contrast; weinig verbranden met goede air‑assist |
| 100 W | 400–700 | 10–22 | Consistente diepte; pas power fijn af |
Praktische tips (snelle keuzehulp)
- MDF vs Plywood: MDF snijdt voorspelbaarder; plywood varieert door lijm & knoesten → eerder extra pass.
- Air‑assist: altijd aan bij snijden; bij graveren soms lager voor minder rook.
- Focus: 2″ lens → focus op oppervlak; bij dikke sneden ~0,5–1 mm onder oppervlak (of midden‑focus bij >6–8 mm).
- Hoekverbranding: op Ruida/LightBurn: Min Power 5–15% onder Max bij lage speeds.
- Kerf (speling): MDF ~0,08–0,20 mm; plywood ~0,10–0,25 mm. Meet met het raster en pas kerf‑offset aan.
